Start onderzoek naar niet gesprongen explosieven op zee en strand Heemskerk
Delen via:   

16 / 12 / 2020

In opdracht van TenneT start het bedrijf Next Geosolutions met het onderzoek naar niet gesprongen explosieven. Dit onderzoek is bedoeld om de aanleg van de zeekabels, de realisatie van de transformatorstations op zee en de boringen vanaf het strand zo veilig mogelijk te laten verlopen. We interviewen Thijs den Hamer, assistent projectmanager onderzoek ‘niet gesprongen explosieven’.

Thijs den Hamer, Assistent Projectmanager. Foto door Babet Hoogervorst.

Wie vanaf eind deze week het strand van Heemskerk ter hoogte van Noorderbad (Wijk aan Zee) bezoekt, maakt een grote kans getuige te zijn van het onderzoek naar zogenoemde ‘blindgangers’, of wel niet gesprongen explosieven (NGE) uit de Tweede Wereldoorlog. Namens TenneT is Thijs den Hamer nauw betrokken bij de uitvoering van dit voorbereidende veiligheidsonderzoek voor het tracé van de zeekabels en de locaties voor de offshore platforms voor Hollandse Kust noord en west Alpha. Thijs: “Het gaat om onderzoek op het strand, in de getijdezone en de dieper gelegen delen van het tracé op zee.” Het onderzoek verloopt volgens drie fases. Eerst worden objecten opgespoord en in kaart gebracht. Vervolgens worden bepaalde objecten op het tracé nader onderzocht en tijdens de laatste fase worden objecten veiliggesteld en geruimd.

Opsporen
De eerste fase is een veldonderzoek. Thijs: “Voor de omgeving zijn de werkzaamheden op het strand uiteraard het meest zichtbaar. Iets ten noorden van paviljoen Noorderbad, op grond van gemeente Heemskerk waar de zeekabels aan land komen, zullen mensen op het strand achter handwagens met sensorapparatuur een vast lijnenpatroon lopen. Daarbij sturen we geluidssignalen of een magnetisch veld de bodem in en registreren met sensoren waarop dit akoestische signaal terugkaatst of in welke mate het magnetische veld beïnvloed wordt. Op basis daarvan interpreteren we wat de vorm van een object is, wat de afmetingen zijn en in sommige gevallen zelfs om wat voor materiaal het gaat. Daarnaast maken we in deze fase ook gebruik van drones.”

Een eerder bodemonderzoek op het strand van Wijk aan Zee (fotograaf Chris Pennarts)

Op het strand
Voor het onderzoek op het strand wordt parallel aan de vloedlijn een terrein van 180 bij 200 meter in delen afgezet. Thijs: “Daarmee blijft er gewoon een passagemogelijkheid op het strand. Mensen die nieuwsgierig zijn naar wat er gebeurt, kunnen tot aan de hekken komen. Deze staan op veilige afstand zodat ons werk gevolgd kan worden. Er is tijdens het onderzoek altijd wel iemand aanwezig aan wie geïnteresseerden vragen kunnen stellen.” De NGE’s die op het strand worden gevonden worden tijdelijk in een speciale container opgeslagen. Daarbij gaat het volgens Thijs om relatief lichte explosieven. Aan het eind van het onderzoek worden alle vondsten dan gezamenlijk in één keer geruimd. Dat gebeurt allemaal volgens strikte regels en in samenspraak met de gemeente en de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EODD).

In kaart brengen
Explosieven is volgens Thijs maar een klein deel van wat de onderzoekers gaan vinden. “Het grootste deel zal afval zijn. We kunnen dus van alles tegenkomen: vliegtuigwrakken uit WOII, bommen die door Engelse vliegers in zee zijn gedropt op hun weg terug naar Engeland, maar ook klein afval dat is achtergelaten door badgasten. Tijdens deze onderzoeksfase wordt de bodem nog niet aangeraakt. Dat onderzoek levert een lijst op met alle objecten die gevonden zijn. Al die objecten zetten we op een kaart, waarover we vervolgens de kaart met het tracé voor de kabels leggen.” Naast een zorgvuldig onderzoek om ieders veiligheid te waarborgen, kijken we ook naar de kosten. “Zo gaan we na waar we met de kabel op een bepaalde afstand veilig langs de gevonden objecten kunnen. Deze hoeven dan niet geruimd te worden en dat bespaart flink wat geld. We werken tenslotte met gemeenschapsgeld.”

Voorbeeld van kaart die gemaakt worden om overzicht te krijgen in niet gesprongen explosieven

‘We kunnen dus van alles tegenkomen: vliegtuigwrakken uit WOII, bommen die door Engelse vliegers in zee zijn gedropt op hun weg terug naar Engeland, maar ook klein afval dat is achtergelaten door badgasten’

Waardevolle data
Een deel van die objecten op het tracé wordt vervolgens nader onderzocht. Thijs: “Dat gaat een duidelijker beeld opleveren van hoe groot een bepaald object is en om hoeveel kilo magnetisch materiaal het gaat. Aan de hand van databases weten we wat er tijdens de oorlog op welke plekken heeft plaatsgevonden, maar ook op welke plekken bepaalde munitie en explosieven zijn ingezet. Die databases bieden waardevolle informatie over vormen, afmetingen en gewichten en geven aan wat we zoal kunnen verwachten. Waar lagen mijnenvelden? Waar zijn bommen gedropt? Informatie die aangeeft dat een bepaald object weleens een bom of granaat zou kunnen zijn. Zo reduceren we de lijst met objecten.”

Graven en ruimen
Tijdens de laatste fase van het onderzoek gaan we echt graven om visueel vast te stellen of het om NGE gaat. Dat deel van het onderzoek wordt uitgevoerd door experts op het gebied van explosieven. “Mochten we een vliegtuigbom vinden, dan schakelen we uiteraard direct de marine, de EODD of de veiligheidsdriehoek met de gemeente en politie in volgens de geldende protocollen en regels.”

Planning
Voor het onderzoek op het strand worden nu de voorbereidingen getroffen. Thijs: “De laatste weken zijn we volop bezig geweest met het schrijven van de procedures voor de strandwerkzaamheden. Dat heeft in goed overleg met de betrokken gemeenten plaatsgevonden. Voor het eind van het jaar willen we aan de slag. We hopen het onderzoek op het strand begin volgend jaar af te ronden, maar dat is natuurlijk afhankelijk van wat we vinden. Voor het strand willen we in het eerste kwartaal van 2021 het certificaat ALARP behalen, dat betekent ‘vrij van explosieven’. Voor het tracé op zee wordt dat eind 2021.”

Eerder gevonden niet gesprongen explosieven. Deze zijn overigens niet gevonden tijdens de uitvoering van een TenneT project.