Publicatie integrale effectenanalyse en milieueffectrapport

05 / 06 / 2020

Op maandag 8 juni 2020 is de definitieve integrale effectenanalyse (IEA) met het milieueffectrapport (MER fase 1) gepubliceerd. In het milieueffectrapport worden de verwachte milieueffecten van de verschillende kabelroutes en de mogelijke locaties voor een transformatorstation beschreven. De IEA is een document waarin naast de onderscheidende milieueffecten, ook omgevingsaspecten, technische haalbaarheid, kosten en toekomstvastheid zo objectief mogelijk worden beschreven voor de kabelroutes en transformatorstationlocaties.

Het MER en de IEA kunt u vinden op de website Bureau Energieprojecten van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK). Ook is er een interactieve site, waar een samenvatting van de milieuonderzoeken en de IEA zijn te vinden. U kunt op deze pagina per kabelroute en per mogelijke locatie voor een transformatorstation de effecten voor de thema's Milieu, Omgeving, Techniek, Kosten en Toekomstvastheid bekijken. Heeft u vragen? Via de interactieve site kunt u vragen stellen. Wij proberen deze binnen vijf werkdagen te beantwoorden.
Wilt u een officiële reactie indienen? Lees dan hieronder verder bij "Hoe heb ik inspraak?"

Advies vanuit de regio aan de minister van EZK

Lokale en regionale overheden, zoals gemeenten, provincies en waterschappen, geven op basis van de IEA een regioadvies aan de minister van EZK. In dit regioadvies geven zij aan welke kabelroute en locatie voor een transformatorstation hun voorkeur heeft en onderbouwen ze deze keuze met argumenten.

Hoe heb ik inspraak?

Wilt u een officiële reactie meegeven aan de minister van EZK? Dan kunt u van 8 juni tot en met 6 juli reageren via de website van Bureau Energieprojecten. Deze reacties worden vanaf half juli gedeeld met de lokale en regionale overheden en zijn dan online beschikbaar. De minister van EZK maakt, in overleg met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, op basis van de integrale effectenanalyse (waar het MER fase 1 onderdeel van is), de reacties op de integrale effectenanalyse, het regioadvies van de lokale en regionale overheden en het advies van de Commissie voor de m.e.r. een keuze voor het voorkeursalternatief. Dit zal naar verwachting eind oktober 2020 zijn.

Na de keuze van het VKA

Waarschijnlijk zal rond november het voorkeursalternatief gecommuniceerd worden. Vervolgens komt er in de omgeving van deze gekozen kabelroute en stationslocatie een informatiemoment. Er wordt gestart met de milieueffectrapportage (m.e.r.) fase 2 en de gekozen kabelroute zal in meer detail worden uitgewerkt en onderzocht. Ook wordt de locatie voor het nieuwe transformatorstation geconcretiseerd. Vergunningen zullen aangevraagd worden en een (ontwerp)inpassingsplan ter inzage worden gelegd. Dit is het eerstvolgende moment voor het indienen van een formele zienswijze, naar verwachting in het derde kwartaal van 2021.

Participatie

In het participatieplan 3.0 staat omschreven hoe we u willen betrekken in de periode tussen de publicatie van het IEA en MER fase 1 tot aan de VKA keuze (juni 2020-oktober 2020). Zie ook verder in deze nieuwsbrief het item over het aanmelden voor de online bijeenkomsten in juni. We verwachten in het najaar participatieplan 4.0 te publiceren met daarin meer informatie over de wijze waarop wij de omgeving willen betrekken na de VKA keuze. In het najaar organiseren we (digitale) inloopbijeenkomsten om het VKA toe te lichten. We kunnen ons namelijk voorstellen dat de keuze van het VKA vragen oproept: enerzijds over de keuze van het VKA, anderzijds over het verdere verloop van het project en de betrokkenheid van de omgeving daarbij. Daar gaan we graag met u over in gesprek. Mocht u daar nu al ideeën over hebben dan vernemen wij dit graag (zie voor contactmogelijkheden onze website).

Ten noorden van de Waddeneilanden in 2027 in bedrijf

De planning van de ontwikkeling van het windenergiegebied Ten noorden van de Waddeneilanden is aangepast. Dit was nodig doordat vanuit het project Net op zee Ten noorden van de Waddeneilanden overleg met en participatie van de omgeving meer tijd kost dan voorzien. Ook bleek dat bij een aantal van de  alternatieve  de kabelroute  langer te zijn dan eerder werd ingeschat, waardoor productie en aanleg van de kabel langer zal duren. De aangepaste planning is vastgelegd in een actualisatie van het "ontwikkelkader windenergie op zee" dat op 20 mei jl. door de Ministerraad is vastgelegd. Het ontwikkelkader legt de randvoorwaarden en functionele eisen vast waaraan het net op zee moet voldoen, zoals het technische ontwerp, de levensduur en de opleverdatum. Het ontwikkelkader biedt daarmee duidelijkheid en zekerheid aan zowel TenneT als aan de vergunninghouders van windparken op zee.